Asterix in stripblad Pep

De avonturen van Asterix begonnen eind jaren 50, begin jaren 60 van de vorige eeuw. In 1959 werd het eerste verhaal in het Franse stripblad Pilote gepubliceerd. Dit was het verhaal 'Asterix de Galliër'. In Nederland moesten we iets langer wachten. Vanaf 1962 bestond in ons lage landje het stripblad Pep. Veel strips zijn voor Nederland in dit blad gedebuteerd. Zo ook Asterix. Het eerste verhaal stond in de Pep van 1964 (week 40). Het duurde nog wel tot 1965 voordat Asterix en Obelix voor het eerst op de voorkant van het tijdschrift stonden. In de eerste twee jaar van de Pep stond er altijd een cartoon op de voorkant waarin de naamgever van het blad, de stripfiguur Pep, de hoofdrol speelde. Pas vanaf week 47 in 1964 werden ook andere strips op de voorkant geplaatst. Asterix moest dus wachten tot 1965. Men was toen al bezig met het verhaal 'Asterix en het gouden snoeimes'. De kaft van de Pep waar de kleine Galliër voor het eerst opstaat is rechts afgebeeld.

Met het uitgeven van de complete albums van Asterix zijn veel uitgeverijen in de weer geweest. In Nederland was de Geillustreerde Pers de eerste die de avonturen van Asterix op de markt bracht. Dit gebeurde pas in 1966, terwijl de Franse uitgave al in 1961 in de schappen lag. De Nederlandse editie was in 1967 al aan een herdruk toe. Deze werd uitgegeven door Le Lombard. In 1970 werd het album voor de derde keer op de markt gebracht, maar nu door Amsterdam Boek. Deze situatie duurde nog wel een aantal jaren. Het tweede avontuur van Asterix (Het gouden snoeimes) werd in 1967 uitgegeven zowel door Geillustreerde Pers als door Le Lombard. Ongetwijfeld heeft dit te maken gehad met de regio's waarin de albums oorspronkelijk zijn gedistribueerd. Vanaf ongeveer 1972 was Amsterdam Boek de uitgever in Nederland. Vanaf half jaren 70 nam Dargaud Benelux het stokje over. De hele tot dan toe verschenen serie werd opnieuw uitgegeven. De nieuwe avonturen verschenen vanaf nu bij Dargaud. De eerste was 'De grote oversteek'. Dit bleef zo tot en met 'Asterix en de Belgen' uit 1979. Na het overlijden van Rene Goscinny ging Albert Uderzo zelfstandig verder. De albums werden nu ondergebracht bij de speciaal opgerichte uitgeverij Les Editions Albert René. Dit is tot op de dag van vandaag zo gebleven.

Nu is er nog iets anders met de uitgaven van Asterix in Nederland. En dat is de volgorde waarin de albums tegenwoordig geplaatst zijn. Zeker de beginnende Asterix lezer zal opmerken dat de tekenstijl nogal wisselt. Dit komt doordat de albums niet chronologisch in de serie geplaatst zijn. Het album dat tegenwoordig als tweede wordt genoemd is 'Het ijzeren schild'. Dit verscheen in 1967. Het album 'Het gouden snoeimes' staat tegenwoordig als tiende vermeldt, maar verscheen in 1962 toen Uderzo nog bezig was om de personages hun vaste vorm te geven. De albums worden hier daarom behandeld in volgorde van verschijnen in Frankrijk.

1 Asterix de Galliër

Asterix de Gallier (Asterix le Gaulois)

In Petitbonum, een Romeins legerkamp dat bij het Gallische dorpje ligt, inspecteert Crismus Bonus de resten van één van de patrouilles. Hij wil weten wat het geheim is van de Galliërs. Ondertussen gaat Asterix, samen met Obelix, op bezoek bij de druìde Panoramix. Deze maakt de toverdrank die onoverwinnelijk maakt. Asterix en Obelix in 1ste album Omdat Crismus Bonus het geheim van de Galliërs wil ontdekken, stuurt hij een spion naar het dorp. Caligula Minus is de sigaar voor deze opdracht. Vermomd als Galliër lukt het de legionair om het kamp binnen te dringen. Wanneer hij toverdrank heeft gekregen, valt hij uiteindelijk door de mand. De spion onthult dat Panoramix de toverdrank maakt. Bonus bedenkt een plan om Panoramix gevangen te nemen. Wanneer hij de toverdrank heeft wil Bonus Julius Caesar van de troon stoten.

Panoramix wordt gevangen en even later ook Asterix. Maar beide Galliërs zijn niet van plan Bonus zijn zin te geven. Panoramix maakt twee drankjes, één voor Asterix (de echte toverdrank) en één dat het haar van de Romeinen razendsnel laat groeien. Dan arriveert Caesar. Zodra duidelijk is wat Bonus van plan was, worden Panoramix en Asterix door Caesar vrijgelaten als beloning.

Het album 'Asterix de Galliër' (Astérix le Gaulois) uit 1961 was het eerste verhaal over Asterix dat door Goscinny en Uderzo werd gemaakt. Het verhaal heeft nog alle kenmerken van een strip die nog tot ontwikkeling moet komen. De teksten van Goscinny hebben nog niet die wisselwerking tussen de personages die de reeks op haar hoogtepunt zo zou gaan kenmerken. Ook liggen de eigenschappen van de hoofdrolspelers nog niet helemaal vast. Verder valt op dat Obelix in de eerste aflevering een vrij kleine rol heeft. Dit zou in latere verhalen veranderen. En natuurlijk ontbreekt Idefix, het hondje van Obelix, nog in de strip.

Ook de tekenstijl van Uderzo moet nog tot ontwikkeling komen. Onze helden hebben niet de verschijningsvorm die zij later hebben. Op de eerst bladzijde van de strip oogt Obelix bijvoorbeeld nogal suf. Ook qua inkleuring oogt dit deel anders dan latere albums. Het lijkt er sterk op dat Uderzo ook nog zoekende was naar het juiste concept. Ook andere opvallende kleine dingen hebben te maken met het punt dat de strip nog in ontwikkeling was. Zo lijkt het erop dat Panaramix, de druïde, in een grot woont buiten het dorp. Later zou dit anders zijn. Hoefnix de smid komt al wel voor, maar ziet er totaal anders uit dan in de latere albums. Wat ook niet vaak voorkomt is dat de bard van het dorp al zingend deelneemt aan de grote maaltijd op einde van het verhaal.

2 Asterix en het gouden snoeimes

Asterix en het gouden snoeimes (Asterix La serpe d'or)

'Asterix en het gouden snoeimes' (La serpe d'or) was het tweede avontuur dat verscheen. Het album werd in 1962 uitgebracht. In Nederland zou het pas in 1967 verschijnen als album. Het verhaal stond al wel eerder in de Pep.

Alles lijkt heel vredig te gaan in het dorp waar Asterix woont. Totdat er uit de eik een hoop gemopper komt. Het is Panaromix de druïde. Zijn gouden snoeimes is gebroken en deze heeft hij nodig om de maretak te snijden die hij gebruikt voor de toverdrank.
Asterix en Panoramix in het gouden snoeimes, tekening van Uderzo Er moet dus een nieuw snoeimes komen! Het probleem is dat de beste snoeimessenmaker in Lutetia woont. Lutetia vormde de basis voor de huidige Franse hoofdstad Parijs. Zijn naam is Amerix, een achterneef van Obelix. Na enig aandringen gaat Panoramix ermee akkoord dat Asterix en Obelix de gevaarlijke reis voor hem zullen ondernemen. De twee vrienden beginnen aan de lange reis. Onderweg komen ze wat struikrovers tegen ter afleiding en zien de start van de beroemdste ossenkarwedstrijd, de 24 uur van Suindinum. Maar dan bereiken ze hun doel: Lutetia! Maar eenmaal in de stad beseffen de twee vrienden dat zij zich nooit thuis zullen voelen in de grote stad, te druk, teveel lawaai. Al gauw komen ze bij de winkel van Amerix, maar deze is gesloten en de snoeimesmaker is verdwenen. Natuurlijk gaan Asterix en Obelix op onderzoek uit en komen dan in contact met een louche figuur, Lentix. Hij kan ze wel aan een snoeimes helpen. Hij brengt de beide vrienden naar een eetgelegenheid en hier worden ze voorgesteld aan Avoranfix. Hij wil ze wel een snoeimes verkopen, maar tegen een woekerprijs. Dit leidt tot ruzie en nadat Asterix en Obelix met de mannen van Avoranfix korte metten hebben gemaakt komt er een Romeinse patrouille binnen. De twee Galliërs moeten meekomen en zich uiteindelijk verantwoorden bij de Romeinse prefect Pleindastus. Uit verveling schenkt hij de twee kameraden hun vrijheid. Maar Asterix en Obelix zijn nog geen stap verder met het vinden van Amerix. Dan begint de speurtocht pas echt. Uiteindelijk vinden ze de plaats waar de bende van Avoranfix de snoeimessen bewaart. Maar er is nog geen spoor van Amerix. Dan blijkt dat de Romeinse prefect de echte leider van de bende is. Het lukt de twee vrienden om de achterneef van Obelix te bevrijden en de prefect wordt in de boeien geslagen. Verguld met hun resultaat beginnen de twee Galliërs aan hun thuisreis. Na een paar kleine onderbrekingen bereiken ze, met een nieuw snoeimes, hun dorp. Dat wordt gevierd met een groot banket.

Het tweede avontuur van Asterix kenmerkt zich door de snelle ontwikkeling van de hoofdpersonages. Zo heeft de hoofdfiguur al zijn definitieve vorm, ook Panoramix is verder ongewijzigd gebleven. Obelix, die er ook al vrijwel af is, speelt nu een veel grotere rol in het verhaal ten opzichte van het eerste album.
Het thema dat Goscinny heeft verwerkt in het verhaal is die van de hebzucht. De bende van Avoranfix vertoont nogal wat trekjes van een maffia-achtige groep. Ontvoering, intimidatie, vrijheidsberoving en het eisen van woekerprijzen door het creëren van een monopolie op de snoeimessen vormen de elementen van deze groep. Ook de dekking van hooggeplaatste ambtenaar (de prefect) mag hiertoe worden gerekend. Natuurlijk doorbreken onze vrienden dit ongezonde klimaat.

Doordat de serie in het huidige Frankrijk is gemaakt zijn er nogal wat verwijzingen naar de huidige samenleving, of in ieder geval naar die van de twee makers, die zij als geen ander kenden natuurlijk. Zo is er de jongeling die met zijn snelle tweespan een ossenkar inhaalt. De man op de ossenkar kijkt vol verlangen naar de snelle en sportieve uitvoering, maar zijn vrouw vindt het maar niets. Plaats deze scène op een willekeurige snelweg en je hebt hetzelfde effect. Wel grappig dat de snelle jongen verderop een prent krijgt van een Romein.
Ook de verwijzing naar de 24 uur van Suindinum is duidelijk. Hier wordt een vette knipoog gemaakt naar de 24-uur van Le Mans. Suindinum werd ook wel Vindunum genoemd. Later werd dit hernoemd in Civitas Cenomanorum (waaruit later de huidige naam Le Mans ontstond).
Over de Romeinen gesproken, hun rol is een ietwat andere dan eerder. Eigenlijk zijn zij in dit album (behalve de prefect dan) toeschouwer. Ze doen eigenlijk alleen hun best om de openbare orde te handhaven. De tegenstanders van Asterix en Obelix zijn mede-Galliërs.

3 Asterix en de Gothen

Asterix en de Gothen (Asterix et les Goths)

Doordat Asterix en Obelix in het vorige avontuur een nieuw gouden snoeimes voor Panoramix zijn gaan halen, kan de druìde meedoen aan het jaarlijkse toenooi. Omdat Asterix de reis te gevaarlijk vindt voor de druìde om deze alleen te ondernemen, begeleiden de kleine Galliër en zijn vriend Obelix Panoramix tot de rand van het bos waar het toernooi wordt gehouden. Onderweg naar het bos worden ze gewaarschuwd door een Romeinse patrouille. Een troep Gothen is de grens overgestoken en houdt zich in de buurt op. Wanneer het marentakkenbos is bereikt, gaan alleen de druìden verder. Asterix en Obelix als Gothen, tekening van Uderzo Asterix en Obelix maken het zich gemakkelijk terwijl ze op het einde van het toernooi wachten. Wat niemand weet is dat de Gothen zich in het bos bevinden. Ze willen de beste druìde ontvoeren, om met zijn hulp een invasie voor te bereiden. Natuurlijk wint Panoramix het toernooi en wordt ontvoerd door de Gothen. Al snel worden Asterix en Obelix ongerust. En wanneer ze een helm van één van de Gothen vinden, weten ze genoeg. Onze vrienden gaan naar Germania om Panoramix te bevrijden. Hoewel een kleine persoonsverwisseling de tocht enigszins bemoeilijkt, bereiken ze al snel het land van de Gothen. Om ongezien in het kamp van de Gothen te komen, worden twee van de barbaren overvallen. In vermomming gaan de beide Galliërs de burcht binnen. Die nacht gaan ze op onderzoek uit. Helaas lopen ze recht in de armen van een patrouille die zojuist Klorisik de tolk heeft gearresteerd. Deze tolk houdt zijn leider, Telefisic, voor de gek. Hij doet voorkomen alsof Panoramix de Gothen zal helpen, maar dit is natuurlijk niet waar.Eenmaal in de gevangenis realiseert Klorisik zich dat hij met twee Galliërs van doen heeft. Uit deze situatie probeert hij een slaatje te slaan. Maar helaas voor hem spreekt Panoramix wel de taal van de Gothen en verteld wat er echt aan de hand is. Terwijl onze vrienden in de gevangenis zitten bereiden ze een plan voor waardoor de Gothen het de komende tijd te druk zullen hebben met elkaar om Gallië binnen te vallen. Het plan lukt en Asterix, Obelix en Panoramix aanvaarden de thuisreis.

Het album 'Asterix en de Gothen' (Astérix et les Goths) dateert uit 1963 en is het derde verhaal uit de reeks. Uderzo was hier duidelijk nog bezig om de vaste vorm te vinden voor de verhalen over Asterix. De tekeningen zijn nog niet zo gedetailleerd als de latere albums.
Ook wordt nog geëxperimenteerd met de verschillende kleurstellingen, zeker voor de landschappen.
Wat opvalt is dat dit verhaal aansluit bij het vorige album. In 'Asterix en het gouden snoeimes' verteld Panoramix dat hij een nieuw snoeimes moet hebben omdat hij deel gaat nemen aan de jaarlijkse bijeenkomst van de druìden. Deze bijeenkomst vindt in het derde album plaats. Hoewel Obelix aan het verhaal deelneemt, is zijn rol nog steeds bescheiden. Hij heeft nog niet de initiatieven die hij later in de serie wel zal nemen. Wel zien we hem op pagina 17 van het album met zijn vinger naar zijn hoofd wijzen, waarbij hij zich verbaast over het gedrag van de Romeinen. Hier zien we voor het eerst de contouren van het later zo bekende "Rare jongens, die Romeinen".
In het album is nog een puntje terug te vinden wat later een meer vaste vorm zouden krijgen. We zien voor het eerst dat de bard van het dorp, Assurancetourix, in een boomhut woont. Op het eerste plaatje is hij bezig een verzameling (valse?) noten naar beneden te vegen. Verder is het natuurlijk de eerste buitenlandse reis van Asterix en Obelix. Later zouden er meer volgen.

4 Asterix en de gladiatoren

Asterix en de gladiatoren (Asterix Gladiateur)

Het Romeinse kamp Petitbonum krijgt bezoek van prefect Caligula Biboppus. De prefect weet een leuk cadeau voor Caesar wanneer hij deze binnenkort in Rome bezoekt. Hij wil hem één van de onoverwinnelijke Galliërs schenken. Omdat ze maar één Galliër kunnen bedenken die wel te overwinnen is, valt de keuze op de bard van het dorp Assurancetourix. De Romeinen sturen een patrouille het bos in en ondanks wat problemen lukt het hen de bard gevangen te nemen. Verguld vertrekt de prefect naar Rome en het kamp maakt zich op voor de wraak van de Galliërs. Nadat de Galliërs het kamp op hun manier bezocht hebben, weten ze dat hun bard afgevoerd is naar Rome. Asterix en Obelix besluiten Assurancetourix te gaan redden. Om zo snel mogelijk Rome te kunnen bereiken gaan ze liften en hebben het geluk dat een schip uit Phoenicië hen ziet. Onderweg komen ze een piratenschip tegen. De zeeschuimers denken een makkelijke prooi te hebben, maar hebben niet op de twee onoverwinnelijke Galliërs gerekend. Na dit kleine intermezzo bereikt het schip al snel Romeins grondgebied. Eenmaal in de hoofdstad van het Romeinse rijk, moeten Asterix en Obelix zien uit te vinden waar hun dorpsgenoot gevangen wordt gehouden. Ze hebben geluk dat ze een Galliër treffen die hen verder kan helpen. Maar ondertussen hebben onze vrienden ook de aandacht getrokken van een Romein, Caius Paffus. Hij is op zoek naar nieuwe gladiatoren en denkt er twee gevonden te hebben. Maar dat blijkt nog niet zo eenvoudig. Nadat een aantal reddingspogingen op niets uit lopen denkt Paffus geluk te hebben. Asterix en Obelix besluiten dat de enige manier om hun bard te bevrijden is om als gladiator in het circus te komen. Ze melden zich dus vrijwillig aan bij Paffus. Hoewel de training niet verloopt zoals Paffus het zich had voorgesteld, breekt de dag van de spelen aan. Wanneer een wagenmenner ziek blijkt te zijn nemen onze vrienden zijn plaats in en winnen de race op hun geheel eigen wijze. Ook het optreden van de bard is niet wat Paffus (en Caesar) zich ervan had voorgesteld. Wanneer tot slot ook nog eens de gladiatoren niet tegen elkaar willen vechten is het geduld van Caesar op. Wanneer Asterix en Obelix met de Romeinse soldaten vechten, worden zij opeens de lieveling van het publiek en Caesar schenkt hen de vrijheid. Per schip varen de drie Galliërs weer naar hun vaderland, waarbij ze de piraten weer even een bezoekje brengen. Maar ook dit avontuur is weer goed afgelopen.

Ook in het album 'Asterix en de gladiatoren' (Gladiateur) uit 1964 is de strip nog niet volledig ontwikkeld. Dit album markeert wel het eerste optreden van de piraten in Asterix. Deze piraten zullen vaker optreden in de strip. De zeeschuimers zijn natuurlijk gebaseerd op personages uit de strip Roodbaard. Hun optreden is altijd humoristisch maar loopt voor de piraten zelden goed af. Hoewel je de uitslag van het gevecht vooraf al weet blijft het kostelijk.
De scène met de wagenrace doet denken aan het verhaal (en de film) Ben Hur. De film met Charlton Heston dateert uit 1959, wellicht dat Goscinny daar het idee vandaan had.
In het verhaal zit ook een verwijzing naar het uiteindelijke lot van Caesar. Bij de aanvang van de spelen maakt Caesar tegen Brutus de opmerking "Jij ook, zoon". Dit lijkt natuurlijk sterk op de woorden "Ook gij Brutus". Dit zouden de laatste woorden van Caesar zijn geweest, althans volgens de overlevering.

5 Asterix en de ronde van Gallia

Asterix en de ronde van Gallia (La tour de Gaule d'Asterix)

In 1965 verscheen 'De ronde van Gallia' (La tour de Gaule d'Astérix). De kaft die hier afgebeeld is betreft de herdruk van Dargaud uit 1977. Hier is de titel aangepast in 'Asterix en de ronde van Gallia'.
Asterix en Obelix in de ronde van Gallia, tekening van Uderzo Met de titel van het album is uiteraard de eerste verwijzing naar de huidige tijd gegeven. Deze verwijst natuurlijk naar de jaarlijks terugkerende Tour de France, het grootste wielerevenement ter wereld.
De makers lieten zelfs de leiderstrui in de strip terugkomen. In het hele album draagt Obelix een gele zak met hierop een wit vlak met zich mee. Hiermee refereren de makers overduidelijk naar de gele trui uit de ronde van Frankrijk. Je hoeft op het witte vlak alleen nog maar een rugnummer in te vullen en je hebt het leiderstricot van het algemeen klassement.
Een tweede verwijzing naar de Tour staat op pagina 37. Het plaatje waarbij onze vrienden Aginum binnenkomen lijkt wel de beklimming van een bergetappe.

Maar er is een andere gebeurtenis in dit album die verstrekkende gevolgen had voor de serie.
Op bladzijde 13 van het album gaan Asterix en Obelix een slagerij binnen. Buiten zit een klein hondje. Het dier besluit uit zichzelf de twee vrienden te gaan volgen. Zelfs tot in hun dorp waar Obelix op het einde van het avontuur het hondje aanhaalt. Dit is natuurlijk de introductie van Idefix, de hond van Obelix, in de serie. Vanaf dit album zou Idefix deelnemen aan de avonturen van de twee Gallische vrienden.

In het Romeinse legerkamp Petitbonum gaat het leven zijn gangetje, totdat Lucius Octobus het kamp bezoekt. Hij is met een speciale opdracht gekomen. Als prefect is hij het zat dat de Galliërs zich blijven verzetten en wil een aanval door de Romeinen op het dorp. De uitslag laat zich raden, de Romeinen worden weer eens in de pan gehakt. Idefix in De ronde van Gallia, tekening van Uderzo Omdat ze de Galliërs niet kunnen verslaan, wil Octobus ervoor zorgen dat ze zich niet meer vrij door Gallia kunnen bewegen. Hij laat een grote houten muur rondom het dorp optrekken. Dit maakt Asterix boos en hij gaat een weddenschap aan met Octobus. Hij zal het dorp verlaten en een ronde door Gallia maken. Uit iedere streek zal hij een specialiteit meenemen. Als Asterix hierin slaagt zal de prefect de muur weer laten afbreken. Asterix en Obelix beginnen aan hun reis. Allereerst gaan ze naar Rotomagus (Rouen). Daarna is Lutetia (Parijs) het volgende doel. De reis gaat over het water, waarbij Obelix dienst doet als buitenboordmotor. Dit tot ongenoegen van de visser langs de kant van het water (ook een verwijzing naar de huidige tijd). Voor de tweede maal bezoeken onze vrienden de toekomstige hoofdstad van Parijs. Nadat ze een bezoek hebben gebracht aan een slagerij dartelt een klein, naamloos hondje achter hen aan. En zo reizen de twee Galliers, met het hondje in hun kielzog, door het landschap van Gallia. Ze doen de ene na de andere stad aan, waaronder Lugdunum (Lyon), Massilia (Marseille) en Tolosa (Toulouse). Tijdens de zeereis vanuit Burdigala (Bordeaux) naar Armorica (Bretagne) komen ze de piraten weer tegen. De uitslag van de ontmoeting is bekend. En zo bereiken zij weer hun dorp. De prefect Octobus moet zijn nederlaag erkennen. En Obelix heeft er een vriendje bij.

Ik vind het al met al een leuk album. Zoals wel vaker in Asterix staat het verhaal vol met verwijzingen naar de huidige tijd. Omdat de serie speelt in Gallia komt niet alles even bekend voor (althans niet voor mij). Er zullen best lezers zijn die veel vaker in Frankrijk komen en situaties en gebeurtenissen wel of sneller herkennen. Voor de Fransen zitten er in het album ongetwijfeld meer herkenningspunten in. Zo ben ik niet bekend met de lokale specialiteiten. Dit zal voor de Franse lezer meer zeggend zijn dan voor de gemiddelde Nederlandse lezer.
Wat ik ook wel grappig vind is de hernieuwde ontmoeting met de piraten. Als je de originele strip Roodbaard kent, herken je nu ook naast de kaperkapitein, houtpoot en Baba ook een vierde personage uit die reeks. En wel Erik de aangenomen zoon van Roodbaard.
De strip zelf nadert nu zijn volwassenheid. In 1965 was Asterix inmiddels al een groot succes en de personages zijn inmiddels af. Ook de entree van Idefix geeft het gevoel dat de strip inmiddels redelijk compleet is. In latere afleveringen worden andere personages uit de reeks verder uitgediept, maar Asterix en Obelix zijn al gegroeid tot de karakters zoals wij ze ook uit latere avonturen kennen.

6 Asterix en Cleopatra

Asterix en Cleopatra (Asterix et Cleopatra)

In 1965 verscheen ook het volgende album. Dit was 'Asterix en Cleopatra' (Astérix et Cléopatre).
Koningin Cleopatra van Egypte laat zich sarren door de Romeinse heerser Julius Caesar. Hij beweert dat de Egyptenaren geen grote bouwwerken meer tot stand kunnen brengen. Dit laat de Egyptische koningin niet op zich zitten en wil dit bewijzen ook. Ze zal in 3 maanden tijd een luxueus paleis laten bouwen. Ze geeft Tekenis de Egyptische architect opdracht om dit paleis te bouwen. Om aan zijn opdracht te kunnen voldoen roept Tekenis de hulp in van Panoramix. Hij zoekt de druïde op in het dorp. En natuurlijk wil Panoramix helpen. Samen met Asterix en Obelix gaat hij op reis naar Egypte. Cleopatra in Asterix, tekening van Uderzo Op een korte ontmoeting met de piraten na, bereikt het schip zonder enig voorval de haven van Alexandrië. Maar Tekenis heeft ook een tegenstander, namelijk Plurkis die ook architect is en er alles aan doet om het project niet te laten slagen. Dankzij de toverdrank van Panoramix verloopt de bouw voorspoedig, maar Plurkis probeert de boel te saboteren. Onze vrienden hebben ook nog tijd om een beetje sightseeing te doen. Zo bezoeken ze de Sfinx, een bezoek dat door de eeuwen heen niet onopgemerkt is gebleven. Iedere poging van Plurkis loopt op niets uit en uiteindelijk valt hij dan ook door de mand. Maar daarmee zijn de problemen nog niet over. Nu gaat ook Julius Caesar zich met de bouw bezighouden. Hij wil koste wat het kost de weddenschap winnen. Maar de persoonlijke tussen komst van Cleopatra redt de situatie. Het project slaagt en onze vrienden reizen tevreden terug naar huis.

In dit album wordt voor het eerst het personage van Julius Caesar in de serie wat meer uitgediept. Hij kwam al vaker voor in de strip, maar nu veel meer deel uit van het verhaal. In latere verhalen zou hij nog vaker dicht op het verhaal staan. Het verhaal is trouwens geïnspireerd op de film Cleopatra die in 1963 werd uitgebracht met Elizabeth Taylor en Richard Burton in de hoofdrollen. Deze film kende een grote overschrijding van het budget en betekende bijna het bankroet van de filmmaatschappij. De opsomming op de kaft van het album van Asterix verwijst daarnaar. Wat niemand toen kon bevroeden is dat de toezegging van Asterix op het einde van het verhaal, namelijk dat Cleopatra altijd een beroep op hen kon doen, ook daadwerkelijk een keer zou gaan gebeuren.
Dit album is ook de eerste waarin de hond van Obelix ook daadwerkelijk Idefix wordt genoemd. Daarnaast zit er in het album veel humor verwerkt. De scène waarin de piraten zichzelf tot zinken brengen en Obelix hen daarom van vals spelen beschuldigt is kostelijk. Ook het bezoek aan de Sfinx en het ongelukje van Obelix is gewoon leuk. Over Obelix gesproken, op pagina 24 is iets opmerkelijks te zien. Hij krijgt van Panoramix zowaar een paar druppels toverdrank. Dat zien we niet vaak.
Maar in het album zitten ook andere leuke dingen verwerkt. Kijk alleen maar naar de namen van sommige personages zoals Tekenis de architect. Zijn naam kan je ook lezen als teken's oftewel teken eens. En de schrijver Klekis oftewel klerk, de schrijver.

De neus van Cleopatra speelt ook een opmerkelijke rol in het verhaal. Het begint al met Julius Caesar en ook onze vrienden zijn er niet ongevoelig voor. Waar komen deze toespelingen op de neus van de Egyptische koningin nu vandaan? Eerlijk gezegd wist ik dit ook niet, maar na enig zoekwerk op Internet kwam ik het volgende tegen:
De talrijke keren dat de neus van Cleopatra in het album wordt bezongen, is een uitlopertje van een bekende uitspraak van Blaise Pascal. Deze man van de wetenschappen, letteren en het geloof uit de 17de eeuw schreef ooit: "Si le nez de Cléopâtre eût été plus court, la face du monde en eût été changée" (= "Als de neus van Cleopatra korter was geweest, dan zou het aangezicht van de wereld er anders hebben uitgezien"). Het citaat verscheen in het boek Pensées in een gedicht getiteld Vanité. La cause et les effets de l'amour. Cléopâtre.(bron:www.stripspeciaalzaak.be)

Een andere verwijzing was gelukkig eenvoudiger. Op pagina 23 zegt Panoramix "Twintig eeuwen zien op je neer!".
Dit is een verwijzing naar een uitspraak die gedaan zou zijn tijdens de veldtocht van Napoleon in Egypte. Dezelfde veldtocht die de wereld de steen van Rosetta opleverde. Napoleon (of één van zijn veldheren) zou bij het aanschouwen van de piramiden hebben gezegd "Veertig eeuwen kijken op u neer". Goscinny heeft er een paar eeuwen vanaf gehaald, maar dit is wel waar hij naar verwees.

7 Asterix en de kampioen

Asterix en de kampioen (Le combat des chefs)

Omdat een Romeinse patrouille weer eens het onderspit heeft gedolven, gooien ze het over een andere boeg. Romeinse soldaat uit de comic Asterix, tekening van Uderzo De commandant van het kamp Babaorum en diens rechterhand Lepidus halen de Gallische leider Nogalfix over om Abraracourcix uit te dagen voor de kampioenskrijg. De winnaar wordt ook de leider van de andere stam. Nogalfix heeft de gewoontes van de Romeinen overgenomen en werkt met hen samen. Hij wil uiteindelijk wel deelnemen aan de kampioenskrijg, maar heeft wel een voorwaarde. En dat is dat de Romeinen Panoramix uitschakelen en zo de werking van de toverdrank. Er wordt een patrouille gestuurd om de klus te klaren. Maar de Romeinen krijgen onbedoeld de hulp van Obelix. Wanneer hij een menhir gooit naar de Romeinen komt deze per ongeluk op de druïde terecht. Panoramix verliest hierdoor zijn geheugen. Abraracourcix moet het dus zonder toverdrank stellen. Tenzij er een manier wordt gevonden waardoor Panoramix zijn geheugen weer terug krijgt.
Terwijl Abraracourcix in training gaat, brengen Asterix en Obelix een bezoek aan een andere druïde genaamd Amnesix. Ze halen hem over om naar het dorp te komen en Panoramix te helpen. Helaas doet Obelix voor hoe Panoramix zijn geheugen verloor. Het gevolg is dat Amnesix nu ook zijn geheugen kwijt is. De twee druïden experimenteren er lustig op los. Dan krijgt Panoramix zijn geheugen terug, maar Abraracourcix wint het gevecht ook zonder toverdrank. Nadat de Romeinen weer verslagen zijn wordt de stam van Nogalfix weer een echte Gallische stam. Amnesix hervat ook weer zijn werk en onze vrienden vieren de overwinning met een groot feestmaal.

Het in 1963 verschenen album 'De kampioen' (Le combat des chefs) werd later herdoopt in 'De strijd der stamhoofden'. Maar 'de kampioen' was de originele Nederlandse titel. De kampioenskrijg die wordt uitgevochten (inclusief de voorbereiding voor de wedstrijd) is natuurlijk afgeleid een bokswedstrijd. Alle elementen zijn aanwezig. Inclusief de vreugedans van Abraracourcix nadat hij de wedstrijd wint. "Ik ben de beste.." jubelt hij. Het album verscheen in de periode dat Muhammed Ali grote opkomst maakte als bokser. Zijn credo "I'm the greatest".
Het thema dat Goscinny in het album aanroert was ten tijde van het verschenen van dit deel een gevoelig onderwerp. De samenwerking van Nogalfix met de Romeinse bezetter is een verwijzing naar de collaboratie die tijdens de tweede wereldoorlog had plaats gevonden met de toenmalige bezetters.
Absoluut grappig zijn de belevenissen van de Romeinse soldaat die een uil als vriendje krijgt. Een ander grapje waar je misschien snel overheen leest is de verwijzing naar Napoleon en het klassieke beeld van de persoon die zijn verstand heeft verloren op pagina 30 van het album.

8 Asterix en de Britten

Asterix en de Britten (Asterix chez les Bretons)

In 1966 verscheen 'Asterix en de Britten' (Asterix chez les Bretons). De ons inmiddels vertrouwde piraten komen op de zee tussen Gallia en Britannia de invasievloot van Julius Caesar tegen. Met de voor hen inmiddels bekende gevolgen. De Romeinen maken gebruik van een aantal typische Britse eigenschappen om de strijd naar hun hand te zetten. Ze bezetten dan ook heel Britannia. Heel Britannia? Nou ja, bijna heel Britannia. Een klein dorp biedt dapper weerstand. Maar wanneer de situatie peniebel wordt, roept Zebigbos (de leider van het verzet) een aantal getrouwen bij zich. Eén van de Britten, Notax, oppert de mogelijkheid om steun te gaan vragen in het dorp waar zijn verre neef Asterix woont. Het plan wordt goedgekeurd en Notax begint aan zijn onderneming. Zonder problemen bereikt hij het dorp van de Galliërs. Nadat hij het doel van zijn reis heeft uitgelegd, wordt besloten om Notax een vat met toverdrank mee te geven. Wanneer Asterix, Obelix en Notax bij Panoramix zijn blijkt echter dat de Brit de ton nooit in zijn eentje het kanaal overkrijgt. Asterix en Obelix zullen hem gaan begeleiden. Terwijl ze bij Panoramix zijn ziet Asterix wat kruiden liggen. Hij neemt een handje mee voor onderweg. En zo beginnen de drie aan hun reis. Terwijl ze het kanaal oversteken komen ze een Romeinse galei tegen. Ze vereren het schip met een bezoekje, maar helaas horen de Romeinen dat ze onderweg zijn met een zending toverdrank. Nadat ze in de stromende regen in Britannia zijn aangekomen, gaan de drie op pad. Maar als snel krijgen ze een Romeinse patrouille achter zich aan. Gelukkig weten ze te ontsnappen en bereiken ze Londinium (Londen).
Ze bereiken ongehinderd de herberg van Relax, een medestander. Ondertussen heeft de Romeinse gouverneur van Londinium opdracht gegeven om alle vaten met wijn in beslag te nemen en zo de toverdrank te vinden. Dat gebeurt dus, ook de van Relax. Maar omdat de Romeinen niet weten welk vat ze zoeken, moet alles worden geproefd. Het lukt Asterix, Obelix en Notax om de vaten in handen te krijgen, maar ook zij moeten proeven. Een dronken Obelix is het gevolg. Omdat een dief op zijn beurt de vaten weer steelt moeten ze weer op zoek naar de toverdrank. Hoewel Obelix door de Romeinen was opgepakt (hij sliep zijn roes uit), is het voor hem kinderspel om uit de beruchte toren (Tower) van Londinium te ontsnappen.
Zo reizen onze vrienden door Britannia waarbij ze terloops deelnemen aan een potje rugby. Alles lijkt goed te gaan totdat het vat met de toverdrank in het zicht van de haven door de Romeinen wordt vernietigd. Om de Britse strijders toch steun te geven doet Asterix net alsof hij een nieuwe toverdrank maakt. Hiervoor gebruikt hij de kruiden die hij bij Panoramix had meegenomen. Nadat de overwinning is behaald verteld Asterix dat het niet de echte toverdrank was. Maar de Britse leider wil van de drank een nationale drank maken en vraagt of Asterix meer wil opsturen. Bij thuiskomst hoort Asterix de naam van de kruiden: thee!

Ook in dit album zitten de nodige grappen die verwijzen naar onze huidige tijd, maar ook naar bekende Engelse gewoontes en bezienswaardigheden. De verwijzing naar de Tower of London is natuurlijk overduidelijk. Maar ook het bekende tea-time fenomeen wordt aangeroerd en de Engelse liefde voor tuinieren (zie bladzijde 18 van het album). Grappig is ook de opmerking gemaakt door Obelix over een tunnel onder het kanaal zodat je geen last meer hebt van de regen en de mist. Deze verwijzing naar de nu bestaande tunnel tussen Calais en Dover is om twee redenen leuk. In de eerste plaats is de tunnel er nu en in 1965 werd er alleen voorzichtig over gesproken, maar bestond de verbinding nog niet. De opmerking van Obelix geeft ook meteen een ander idee over Engeland weer. Namelijk dat het er veel regent en als het niet regent is het mistig. Ook de ervaring van Obelix met de Engelse kookkunst is een typische opmerking die van Fransen verwacht kan worden. De Britse keuken stelt niets voor. Nu is het geen gastronomisch hoogtepunt, maar zo slecht is het nu ook weer niet. Dat het album uit de jaren 60 van de vorige eeuw stamt, blijkt ook uit het grapje op bladzijde 19 van het album. Onze vrienden komen de Britse hoofdstad binnenrijden en zien een hysterische menigte jonge meisjes bij vier barden. Hier wordt natuurlijk verwezen naar de legendarische Beatles die in de jaren 60 de hitlijsten veroverden. Andere kenmerkende Britse dingen worden ook in het album verwerkt zoals het spelen van rugby, de thee en de Britse stiff-upper-lip.
Wel viel mij iets op in de tekst. Op bladzijde 7 van het verhaal roept de leider van de Britse opstand zijn getrouwen bijeen. Door Mac Celtic wordt opgemerkt dat Notax hen bijeen roept, maar dit is de naam van de neef van Asterix. De naam van de leider is Zebigbos. Ik weet niet of het hier een vertaalfoutje betreft of dat dit in het originele Franse exemplaar ook zo staat. De namen vind ik overigens ook schitterend gevonden, een soort 'allo-allo' mengeling van Frans en Engels.

9 Asterix en de noormannen

Asterix en de noormannen (Asterix et les Normands)

Abraracourcix ontvangt een bericht van zijn broer. Zijn neef Hippix wordt te soft in de grote stad. Daarom stuurt zijn vader hem naar het dorp van onze vrienden toe, in de hoop dat Hippix wat sterker wordt. Hippix uit de comic Asterix, tekening van Uderzo Met veel bombarie komt de jongeman in het dorp aan. Vanaf het begin is het duidelijk dat hij het maar niets vindt in het dorp. Toch worden sommige van de nieuwe invloeden die Hippix meebrengt wel op prijs gesteld. Zo is de muziek en zang die Hippix brengt wel een groot succes onder de bevolking. Zeer tegen de zin van Hippix in gaat hij de volgende ochtend met Asterix en Obelix naar het strand. Daar krijgt de jongeling de schrik van zijn leven. Een groep woeste noormannen zet voet op de wal. Hippix is volledig in paniek maar onze vrienden zijn niet onder de indruk van de stoere krijgers uit het noorden.
De groep noormannen zijn onder leiding van Liflaf naar Gallia gekomen om te leren wat angst is. Nu hebben ze natuurlijk wel het verkeerde dorp uitgekozen. Hippix is ondertussen wel bang en wil terug naar huis in Lutetia. Maar zodra hij naar huis rijdt krijgt hij pech met zijn wagen en valt in de handen van de noormannen. Groot is zijn angst wanneer hij tegenover de woeste krijgers staat. Nog groter is zijn verbazing wanneer de leider vraagt om hen bang te maken. Ondertussen zijn Asterix en Obelix er achter gekomen dat de noormannen Hippix gevangen hebben genomen. Ze gaan daarom bij de noormannen navragen wat hun plannen zijn. Terwijl ze met de Noorse krijgers aan het vechten zijn (en een Romeinse patrouille even in de weg loopt) komt de leider van de noormannen, Liflaf, informeren wat de Galliërs willen. Zodra Asterix hoort wat de noormannen willen weten heeft hij een plan. Obelix moet Assurancetourix de dorpsbard gaan halen. Zodra hij begint te zingen leren ze wel wat angst is. Helaas is de bard net vertrokken naar Lutetia waar hij denkt wel een grote toekomst te hebben. Het lukt Obelix om de bard op andere gedachten te brengen. Hij "zingt" voor de noormannen. Die ontdekken nu wat angst is. En zo loopt het avontuur goed af en mag de bard deelnemen aan de feestmaaltijd.

In 1966 verscheen Asterix en de noormannen (Astérix et les Normands). We zien hier een kleine botsing tussen de nieuwe jeugdcultuur en de oude levenswijze, iets wat in 1966 ook nogal speelde. De naam van Hippix (hippie) verwijst hier ook naar. Het is in dit album dat we voor het eerst leren dat Idefix er niet tegen kan wanneer er een boom wordt ontworteld. Ook opvallend is dat de bard van het dorp mag deelnemen aan het feestmaal. Dat was tot nu toe pas één keer eerder voorgekomen.
Wellicht ook een drukfout, maar op pagina 40 van het album (althans de uitgave die ik heb) zit een foutje bij de tekst van de Noorse leider Liflaf. De teksten "Wat een mannetjesputter die kleine krijger" en "He! Ik wist niet dat ze hier ook echo's" hadden zijn omgedraaid.

10 Asterix en het 1ste legioen

Asterix en het 1ste legioen (Asterix Legionnaire)

Obelix wordt verliefd! En niet zo'n beetje ook. Zodra hij Walhalla ontmoet is hij totaal van de kaart. Dit tot grote hilariteit voor Asterix en Panoramix. Walhalla uit de comic Asterix, tekening van Uderzo Maar zodra Obelix ook maar begonnen is om zijn liefde te verklaren, ontvangt Walhalla slecht nieuws. Haar verloofde, Tragicomix, is door de Romeinen ingelijfd bij hun legioenen. Hij wordt naar Afrika gestuurd. Hoewel Asterix bang is voor de reactie van zijn vriend, houdt Obelix zich groot. Althans waar Walhalla bij is! Hij beloofd Walhalla dat ze Tragicomix terug zullen gaan halen.
Zodra de vrienden het hoofdkwartier van de Romeinen in Condatum (Rennes) hebben bereikt, komen ze te weten dat hij al verscheept is naar Afrika. Hierop besluiten de vrienden dan ook Romeins legionair te worden en zo in Afrika terecht te komen. Zo gezegd, zo gedaan. Zodra de twee vrienden zijn ingelijfd, begint voor hen en de andere rekruten de opleiding. De andere rekruten zijn Tonnic (een Gooth), Vlamix (een Belg), Minitax (een Brit), Tennis (een Egyptenaar) en Plazadetoros (een Griek). Hun opleiding krijgen ze van twee centurions, Hotelterminus en Wattunclus. De beide Romeinen hebben het niet makkelijk met hun rekruten. En omdat Obelix het niet makkelijk heeft met het legereten, haalt hij de kok op z'n eigen manier over om het menu aan te passen.
Nadat de opleiding klaar is vertrekken de mannen van het 1ste legioen, 3de cohort, 2de manipel, 1ste centurie naar Massillia (Marseille).
Daar gaan ze scheep naar Afrika. De legionairs moeten zelf roeien, maar gelukkig is er ook afleiding onderweg. Ze komen een paar oude bekenden tegen, de piraten. De afloop laat zich raden. Dan komen ze aan en zetten de mannen voet op Afrikaanse bodem. Ze komen aan in het kamp van Caesar die in oorlog is met zijn landgenoot Scipio. Na het kamp te hebben verkend en wat inlichtingen te hebben ingewonnen, komen ze er achter dat Tragicomix gevangen is genomen door de troepen van Scipio. Asterix en Obelix gaan 's nachts op pad en vallen het kamp van Scipio binnen op zoek naar Tragicomix. Bij het aanbreken van de dag vinden ze hem. Omdat ze hem, onbedoeld maar toch, de overwinning hebben bezorgd, schenkt Julius Caesar hen de vrijheid. De drie kunnen terug naar het dorpje. Bij aankomst is er een dankwoord van Tragicomix en een dikke zoen van Walhalla. Obelix is inmiddels over zijn verliefdheid heen. Maar nu heeft Asterix het flink te pakken!

Asterix en het 1ste legioen (Astérix Légionnaire) verscheen in 1969 op de markt. Het is absoluut een leuk verhaal. Wie had ooit gedacht dat Obelix nog eens verliefd zou worden. Natuurlijk kon dat niet lang duren. De twee vrienden moeten immers hun handen vrij hebben voor hun avonturen. Nadat in het vorige album veel van de dorpelingen een rol spelen, hebben de makers er nu voor gekozen om de twee vrienden weer gezamelijk een avontuur te laten beleven. Omdat ze het Romeinse leger ingaan, kon ook Idefix ditmaal niet mee. Het hondje blijft achter bij de lieftallige Walhalla. In de Franse editie heet zij overigens Falbala.