Alex intro

In september 1948 verschijnt in het weekblad Kuifje een nieuwe strip die losjes gebaseerd is op historische gebeurtenissen. Het zou een klassieke reeks worden. Het betrof de serie Alex (Alix). Jacques Martin was de bedenker van de serie. Hij werd geboren op 01 september 1922 in Straatsburg. Al in zijn jeugd werd hij sterk aangetrokken door strips, maar ook films hadden zijn belangstelling. Zo maakte hij al jong kennis met Kuifje van Hergé. Ook Edgar Jacobs (Blake en Mortimer) vormde een inspiratiebron. Martin volgde een opleiding aan het École Catholique d'Arts et Métiers. Hier leerde hij technisch tekenen, maar het artistieke in hem kreeg toch de bovenhand. Na een korte omzwerving kwam Jacques Martin in Brussel terecht en hier leerde hij Henri Leblicq kennen. Samen begonnen ze verhalen te maken voor diverse tijdschrijften, waaronder Bravo. In 1948 begint Martin te werken voor het tijdschrift Kuifje en dus ook voor Hergé. Voor het blad Kuifje bedenkt hij de jonge Galliër Alex. Nu moet wel bedacht worden dat in 1948 het helemaal niet zo gebruikelijk was dat van een stripverhaal ook een album verscheen. Veel stripreeksen werden als vervolgverhaal in tijdschriften gepubliceerd. Dit is ook de manier waarop Alex het levenslicht zag. In het blad Kuifje verscheen in 1952 een tweede serie van de hand van Martin. Dit was de reeks Lefranc. In de jaren die volgde verzon Jacques Martin nog een aantal andere series, die lang niet allemaal door hem getekend worden overigens. Maar Alex is ontegenzeggelijk de meest populaire reeks van zijn hand. De serie was vanaf het eerste verschijnen direct gewild bij de lezers. In 1953 treedt Martin toe tot de studio Hergé. Hij gaat aan diverse albums van Kuifje werken. Zo werkte hij mee aan het hertekenen van een aantal albums. Door zijn werk voor de studio heeft hij minder tijd voor zijn eigen series. Maar gelukkig valt de productie nooit stil. In de loop der jaren is de faam van Jacques Martin alleen maar groter geworden. Samen met Hergé en Jacobs wordt hij tot de drie groten van de zogenaamde "Brusselse School" gerekend. Hierbij valt ook vaak de term klare lijn. Hoewel nergens echt een definitie hiervan wordt gegeven, bedoeld men veelal een strakke lijn van tekenen, een duidelijke verdeling van de vlakken in de tekening en uniformiteit tussen de platen onderling. Er zijn nog wel een aantal algemene kenmerken te noemen, maar dit zijn (in mijn ogen) de belangrijkste. Je ziet het eigenlijk ook wel wanneer je tekeningen van Hergé en Martin vergelijkt. Onwillekeurig roepen ze een associatie naar elkaar op, alsof er sprake is van beïnvloeding. Jacques Martin werd in ieder geval beïnvloedt door Hergé. Maar hij heeft op zijn beurt ook weer een groot aantal tekenaars beïnvloedt.

Zo is de strip Alex grotendeels verantwoordelijk voor het ontstaan van de historische strip, waarbij feiten ook werkelijk moesten kloppen. Jacques Martin had veel kennis van de klassieke oudheid en dit vind je terug in zijn verhalen. De serie van Alex (of Alix) speelt tijdens het Romeinse rijk. De reeks begint in het jaar 53 voor Chr., toen Rome geregeerd werd door het eerste triumviraat. Dit was een politiek bondgenootschap gesloten door Julius Caesar, Pompeius Magnus en Marcus Crassus. De avonturen van Alex voeren de lezer door de klassieke oudheid. Ook zeer bekende historische personages zullen hun opwachting maken in de serie evenals geschiedkundige gebeurtenissen. Gedurende zijn carrière is Jacques Martin zeer terecht meermalen onderscheiden. In de laatste jaren van zijn leven ging zijn zicht achteruit als gevolg van een oogziekte. Hij overleed op 21 januari 2010 in Brussel.

Geraadpleegde bronnen:

nl.wikipedia.org/wiki/Jacques_Martin

archives.lesoir.be/

Tijdschrift Zozolala, jaargang 2008

www.zilverendolfijn.nl/

1 Alex de onversaagde

Alex - Alex de onversaagde

Het verhaal begint in het jaar 53 voor Christus. Het Romeinse rijk onderneemt de ene veroveringstocht na de andere. In het oosten is het Crassus die zich roert. Hij valt het Chaldees-Assyrische rijk binnen en bestrijdt de Parthen. Eén van de legers van Crassus onder leiding van generaal Flavius Marsalla neemt de stad Khorsabad (in het huidige Irak) in. De Romeinen doden de meeste inwoners, anderen worden meegenomen als slaaf. Generaal Marsalla houdt zijn intocht in de stad maar wordt gadegeslagen door een jonge slaaf die tot dan toe aan de aandacht van de Romeinen is ontsnapt. Maar dit duurt niet lang. Want op het moment dat de jonge slaaf zich naar voren buigt om de Romeinen beter te bekijken breekt er een stuk steen af. De brokstukken raken Marsalla en zijn legionairs gaan onmiddellijk achter de jonge slaaf aan. Marsalla overleeft het voorval en de jonge slaaf wordt voor zijn voeten gegooid. Hij blijkt Alex te heten en heeft het uiterlijk van een Galliër. Op aandringen van Marsalla brengt Alex de Romeinen bij de schatkamers van de stad. Maar terwijl deze geplunderd gaan worden verschijnt er een Romeinse officier te paard aan de horizon. Hij brengt slecht nieuws. Crassus is enkele dagen gelden verslagen door de koning van de parthen en gevangen genomen. Orodes (de koning van de Parthen) heeft vloeibaar goud in de mond van Crassus laten gieten. Natuurlijk heeft de Romein dit niet overleefd en zijn overgebleven troepen trekken zich nu terug. Alex met Arbaces en Toraya, tekening van Jacques Martin Nadat hij dit verneemt maakt Marsalla zich op om zich ook terug te trekken. Ze nemen zoveel mogelijk buit mee. De jonge Alex wordt aan een pilaar vastgebonden en het gebouw waarin hij zich bevindt wordt in brand gestoken. Maar gelukkig weet hij zich te bevrijden en zo zijn leven te redden. Omdat hij niet weet wat te doen blijft hij in de nu lege stad. Het duurt echter niet lang voordat de Parthen onder aanvoering van Surena verschijnen. Het lukt Alex echter om het vertrouwen van de Parthen te winnen en hij trekt met hen mee. Op een zeker punt scheiden hun wegen en Alex trekt alleen verder. Hij komt in conflict met plunderende Romeinen en lijkt daarna gedoemd om bij een andere stam zijn leven te moeten slijten. Maar dankzij de hulp van een van hen, Toraya, ontsnapt Alex aan een gruwelijk lot. De twee vrienden reizen samen verder en vallen in de handen van de Romeinen. In de havenstad Trebizonde (in het huidige Turkije) worden ze voor de prefect geleid. En hier staat Alex oog in oog met de plunderende Romein die hij eerder had bevochten. De man blijkt Brutus te heten en is een centurio van Massala. Het lijkt er slecht uit te zien voor de twee vrienden. Maar dan komt een Griek genaamd Arbaces tussenbeide. Hoewel Alex en Toraya het eerst niet beseffen koopt de Griek het tweetal als slaven. Op het schip van Arbaces varen ze mee richting Rhodos, maar Massala en Brutus laten het er niet bij zitten. En ook Arbaces heeft zo zijn eigen plannen met het tweetal en ook dit voorspelt niet veel goeds. De omzwervingen van Alex beginnen gevaarlijk.

Het album 'Alex de onversaagde' (Alix l'intrépide) opent de serie met de jonge Galliër in de hoofdrol. Zoals gezegd schreef en tekende Jacques Martin dit verhaal als een feuilleton voor het stripblad Kuifje. Eigenlijk ontstond het avontuur gaandeweg. Wanneer je het verhaal leest merk je dit ook aan de opbouw. Alex rolt van de ene situatie in de andere met hier en daar de nodige momenten die gediend zullen hebben om de lezer nieuwsgierig te houden naar de volgende aflevering. Hij begint zijn zwerftocht in het huidige Irak en eindigt via Rome dan toch in Gallië. Tijdens zijn reis beleeft hij vele gebeurtenissen en ontmoet hij zelfs de machtigste mannen van het Romeinse rijk. Aan het tekenwerk is ook duidelijk te zien dat Jacques Martin nog een geheel eigen stijl moest ontwikkelen. Vanuit de persoon van de auteur is dit ook wel te begrijpen. In een interview heeft Martin aangegeven dat hij het tekenen meester moest worden om zijn verhaal te kunnen vertellen. En verhalen vertellen was wat hem het meeste dreef. Het duurde overigens tot 1956 vooraleer dit avontuur van Alex als album verscheen. De kaft van het album zag er ook anders uit. Naar verluidt was het verhaal ook niet geheel in kleur, maar gedeelten waren ook in zwart/wit uitgevoerd. Zelf heb ik deze versie nooit gezien, dus baseer ik mij op wat ik hierover gelezen heb. Hoe dan ook de serie Alex was van start gegaan en zou een grote invloed hebben binnen de West-Europese strip.

2 De gouden sfinx

Alex - De gouden sfinx

Het is 52 v.Chr. Caesar heeft met zijn manschappen het leger van Vercingetorix ingesloten in de stad Alesia. De Romeinen belegeren de Galliërs wiens positie met de dag slechter wordt. De ingesloten strijders hopen dat andere Gallische stammen ook in opstand komen en hen te hulp snellen en ontzetten. Maar bij de andere stammen weet men niet wat te doen. In opstand komen of de Romeinen gehoorzamen? Bij een stam wiens leider eens Astorix was, discussiëren Alderik en de druïde Ansila met elkaar. De druïde is voor de opstand omdat Caesar hem zijn macht zal afnemen. Alderik wil eigenlijk met de Romeinen samenwerken. Alex en Enak, tekening van Jacques Martin Maar beide mannen zijn uit op de macht van de stam en grijpen de gelegenheid aan om zich te ontdoen van het laatste familielid van het oude stamhoofd. Vanix, de neef van Astorix, zal geofferd worden om zo de goden te vragen wat de stam moet doen. Maar wanneer dit gruwelijke schouwspel zich lijkt te gaan voltrekken, komt Alex aan bij de stam. Hij grijpt direct in en maakt een einde aan het voorgenomen offer. Als zoon van Astorix eist Alex het leiderschap van de stam op. Dit is iets wat Alderik en Ansila natuurlijk niet zint. Ze proberen Alex dan ook al snel dwars te zitten en hem in een kwaad daglicht te stellen bij Caesar. Maar hun snode plannen mislukken en Alex en Caesar spreken de misverstanden uit. Terwijl de strijd bij Alesia bijna gedaan is en in het voordeel van de Romeinen beslist zal worden, vraagt Caesar aan Alex of hij voor hem een opdracht wil uitvoeren. In Egypte staat iets te gebeuren, maar het is niet duidelijk wat. Eerdere boodschappers van Caesar zijn verdwenen. Alex krijgt een kleine gouden sfinx te zien met hierin de naam Efaoud. En terwijl Vercingetorix zich overgeeft vertrekt Alex naar Egypte. Al direct bij aankomst wordt hij in de gaten gehouden en proberen ze hem uit de weg te ruimen. Maar gelukkig is Alex alert en voorkomt hij dat hij slachtoffer wordt. In Alexandrië moet hij contact zoeken met de Romein Romula. Maar een drietal Phoeniciërs zullen er alles aan doen om Alex dwars te zitten. Karon, Imar en Saka (zo heet het drietal) werken voor een man die wordt aangeduid als de sfinx. Bij de koopman Josah probeert Alex ondertussen te achterhalen wat de naam Efaoud betekent. Een gesprek dat door Karon wordt afgeluisterd. De Phoeniciër bereidt een nieuwe aanslag op Alex voor. Maar Josah stuurt een Egyptische jongen, Enak genaamd, achter Alex aan. Zo wordt de val ontlopen. Samen met Enak, die inmiddels dikke vrienden is met Alex, gaat de vriend van Casaer proberen te achterhalen wie de sfinx is en wat zijn plannen zijn. Een moeilijke opdracht, maar gelukkig krijgt hij ook hulp van de Egyptenaar Senoris. Deze belangrijke man in Egypte beseft dat de sfinx ook een gevaar is voor Egypte en samen met Alex en Enak gaat hij proberen het gevaar te bezweren.

In het in 1956 verschenen verhaal 'De gouden sfinx' (Le sphinx d'or) vinden we Alex terug in Gallië. Caesar is bezig met de laatste fase van de slag bij Alesia. Deze slag heeft in werkelijkheid ook plaatsgehad en betekende het einde voor de Gallische leider Vercingetorix. Hierna reist Alex, in opdracht van Caesar, naar Egypte. Het is duidelijk dat Alex de samenwerking met de Romeinen zoekt en ook vindt. Sterker nog, hij behartigt de belangen van het Romeinse rijk. Maar het verhaal heeft natuurlijk nog een belangrijke ontwikkeling. Namelijk de introductie van Enak. De jongen zal vanaf nu Alex op zijn avonturen gaan vergezellen.

3 Het vervloekte eiland

Alex - Het vervloekte eiland

Er heerst grote ongerustheid in de stad Carthago, gelegen aan de Afrikaanse noordkust. De onrust onder de burgers van de stad, die in 814 v.Chr. door kolonisten uit Tyrus in Phoenicië werd gesticht, wordt zo groot dat het stadsbestuur vergadert in het grote paleis. Rijke Carthagers uit de hoogste kringen protesteren tegen de houding die Rome aanneemt. Ook gouverneur Grasseus neemt deel aan de vergadering. En hij verzekert de toehoorders dat Rome de problemen van Carthago wel degelijk serieus neemt. Een afgezant uit Rome is al onderweg. Een discussie brandt los, maar dan kondigt een wachter de aankomst aan van de gezant van Rome. Het wordt doodstil wanneer de afgevaardigde binnentreedt, maar dit duurt niet lang. Wanneer ze Alex zien binnenkomen barst al snel schatergelach los. Niemand gelooft dat deze jongeman een serieuze afgezant van Rome is, maar niets is minder waar. Door zijn koelbloedige optreden weet Alex al snel de zaal stil te krijgen. Grasseus besluit dan ook de vergadering te schorsen en eerst met Alex te gaan praten. Tijdens hun onderhoud vertelt Grasseus wat het probleem is. Alex en een Romeinse soldaat in de achtervolging, tekening van Jacques Martin Er doen zich geheimzinnige dingen voor in de Noord-Afrikaanse stad. De geleerde Lydas, die al veertig jaar in de stad woont, is op klaarlichte dag ontvoerd. Toen Grasseus en zijn mannen de achtervolging inzette bleken handlangers hen de weg te versperren. Maar toch kwamen ze aan bij de haven en zagen hoe de geleerde aan boord van een Grieks schip werd gebracht. Vanaf het onbekende schip kwam plotseling een verblindende lichtstraal die op de achtervolgers werd gericht. Vrijwel meteen vloog de kleding van de mensen in brand. Ook schepen die zich in de buurt van het Griekse vaartuig waagde ondergingen dit lot. Nadat Alex op de hoogte is gebracht van de gebeurtenissen gaan de mannen slapen. De volgende ochtend vond Alex een briefje in zijn kamer dat door het raam naar binnen was geworpen. Hij werd geadviseerd om zo snel mogelijk te vertrekken. Grasseus en Alex trekken hierdoor de conclusie dat de ontvoerders van de geleerde nog handlangers in de stad moeten hebben. Om te achterhalen wie dit zijn verzint Alex een list. En inderdaad dringt een man de vertrekken binnen. Hij is opzoek naar een document. Het blijkt Segabal, een lid van het stadsbestuur te zijn. Hoewel Alex hem confronteert en er soldaten in de buurt zijn, lukt het Segabal om te ontkomen. Hij krijgt hierbij wel hulp. Maar ook nu past Alex een list toe en laat Segabal ontkomen maar volgt hem van een afstand. Zo komt hij uit bij het huis van de invloedrijke Galo. Jammer genoeg wordt Alex gezien en probeert men hem te doden door hem bewusteloos in het water te gooien. Dankzij oplettende vissers gebeurt dit niet en Alex komt bij in het huis van de gouverneur. Hier is inmiddels een bekende gearriveerd. Het is Enak. Josah is dood en dankzij de hulp van Senoris is Enak bij Alex terecht gekomen (zie het vorige album). Natuurlijk wordt nu getracht om Galo, Arbaces (want ook hij hoort bij de handlangers) en zijn mensen aan te houden. Maar zij zijn op een mogelijke arrestatie voorbereid en weten te ontsnappen. Alleen Segabal valt in handen van Alex en de gouverneur. Hij vertelt dat het zijn opdracht was om Lydas te schaduwen. Lydas is een oud leerling van de grote Archimedes. Hij heeft veel uitvindingen gedaan waarvan niemand het bestaan kent. Lydas moest naar de leider gebracht worden die op een eiland woont voorbij de Zuilen van Hercules (Gibraltar). Om Lydas terug te vinden en deze geheimzinnige leider te ontmaskeren vertrekt Alex met een schip. Hij begint aan de reis voorbij de Zuilen van Hercules, waar een onbekende wereld vol met gevaren wacht.

Het verhaal 'Het vervloekte eiland' (L'île maudite) dateert uit 1957. Jacques Martin lijkt zich voor een deel te laten hebben inspireren door de verhalen over Atlantis voor deze vertelling. Atlantis werd voor het eerst vermeld in Plato's dialogen Timaeus en Critias. En volgens Plato lag Atlantis vroeger voorbij de Zuilen van Hercules, dus in de Atlantische Oceaan waar het avontuur van Alex zich voltrekt. Atlantis zou een machtige beschaving zijn geweest. Natuurlijk zijn er later nog allerlei andere ingrediënten aan toegevoegd.
In het verhaal betrekt Martin ook de Moloch religie. Deze afgod was afkomstig uit het Midden-Oosten en werd sterk veroordeeld in de Hebreeuwse Bijbel. Aan deze godheid werden namelijk kinderen geofferd.
Het tekenwerk van Jacques Martin was in de tijd van dit verhaal zich duidelijk nog aan het ontwikkelen. Opvallend is dat gaandeweg het verhaal de tekenstijl zich lijkt te wijzigen. Het is net alsof hij in tijdnood kwam en daardoor op een simpelere manier ging tekenen. Wellicht was dit het geval (dit weet ik niet - het is maar een aanname van mijn kant), want de verhalen moesten wel op tijd af zijn. De lezers wilde niet het vervolg van het derde avontuur van Alex missen. Wat dat betreft is het album ook mooi beeld van de ontwikkeling die de strip Alex doormaakt in de tijd.

4 De tiara van Oribal

Alex - De tiara van Oribal

Op een zekere dag trekt een groep Romeinse soldaten langs de rand van de Syrische woestijn. De groep is onderweg naar een Romeins fort in de buurt. De reis was lang en vermoeiend, men is dan ook blij wanneer de contouren van het fort in de verte opduiken. Maar de vreugde is van korte duur. Wanneer ze dichterbij komen zien ze dat het fort overvallen is en verwoest. Behoedzaam rijden de soldaten het fort binnen. Er is geen levende ziel te bekennen. Zodra het veilig wordt geacht rijdt de officier naar de groep ruiters die buiten het fort gewacht hebben. Een van hen is Alex. Omdat de avond nadert besluit men in het verwoeste fort een kampement te maken. Die avond bespreekt de officier de situatie met Alex. In de tent zijn ook Enak en een andere jongeman aanwezig. Deze laatste is een jonge koning die door Alex teruggebracht wordt naar zijn land. Maar terwijl de bespreking plaats vindt, sluipen er twee mannen naar het kamp. Arbaces denkt Alex gevangen te kunnen nemen, tekening van Jacques Martin Ze overvallen een van de schildwachten. Daarna trekt een van hen de uitrusting van de Romein aan. Op dat moment zit Alex in gedachten verzonken bij de paarden. Hij ziet de man lopen en al snel ontaard het in een gevecht. Jammer genoeg weet de man samen met zijn kameraad te ontkomen. De twee spionnen rijden direct naar het leger van de Parthen. Nadat ze hun verhaal gedaan hebben rijden de Parthen naar het kamp. Het is al ochtend geworden wanneer zij hier aankomen. Maar de Romeinen zijn verdwenen. De hoofdman legt de schuld bij de twee spionnen en laat hen vastgebonden achter in het brandende kamp. Maar gelukkig voor hen is Alex nog in het kamp en bevrijdt de mannen en red hen zo van een verschrikkelijke dood. Uit dank gaan de twee Parthen nu met Alex en zijn gezelschap verder. Het escorte van het Romeinse leger is weg. Alleen Alex, Enak, de jonge koning vervolgen samen met de twee Parthen hun weg. Maar ze hebben voorraden nodig en dus gaat een van de Parthen, Karal, een stadje in om deze te kopen. In de stad vindt hij wat hij nodig heeft, maar wordt hij ook gevolgd door twee mannen. Het lukt de groep om de mannen te misleiden. Die avond vertelt de jonge koning aan Alex iets van de geschiedenis van zijn volk. Bijna 2000 jaar eerder had Oribal I het land verenigd. Nadat er een poging was gedaan om hem te doden werd hij zeer achterdochtig en wreed. Om zijn macht te verzekeren had hij geleerden gevraagd de tiara (zijn hoofddeksel) op een bepaalde manier te bewerken. Nu bleek alleen Oribal I nog in staat om de tiara te dragen. Alleen hij en later zijn nakomelingen waren in staat om de tiara te verdragen. Anderen krijgen hallucinaties of nog erger. Karal probeert uit hebzucht te vluchten met de tiara. Maar Alex en zijn vrienden vinden het koninklijke hoofddeksel terug. Maar de situatie wordt veel ernstiger. Want de twee geheimzinnige mannen blijken spionnen te zijn van Arbaces. De Griek is in het rijk van de jonge koning opgeklommen tot grootvizier en wil samen met een groep getrouwen de macht grijpen. Het volk hoort echter dat de jonge koning in het land is en komt in opstand. Maar eerst moeten Alex, Enak en de jonge koning uit handen van Arbaces zien te blijven.

Met het in 1958 verschenen album 'De tiara van Oribal' (La tiare d'Oribal) beginnen de eerste contouren van de eigen stijl van Jacques Martin zichtbaar te worden. Het is een goed geschreven verhaal met een hoop gebeurtenissen, zonder dat je als lezer de draad kwijtraakt. De opbouw in het scenario is daar eenvoudigweg te goed voor. Alex waagt zich in het rijk van de Parthen. In de tijd waarin het verhaal speelt besloeg dit rijk grote delen van Syrië, Turkije, Irak en natuurlijk Iran (het land dat de basis vormde voor Parthië).
Het is de vierde maal dat Alex de degens moet kruisen met Arbaces. Een gegeven dat in de tijd dat het verhaal verscheen niet ongewoon is. Het kwam wel vaker voor dat de held van een verhalenreeks het steeds tegen dezelfde vijand op moest nemen. En dit is voor het lezen van het avontuur geenszins storend. Jacques Martin was met dit album dan ook zeer goed op dreef als verhalenverteller en zijn tekenstijl begon zich steeds meer te ontwikkelen.

5 De zwarte klauw

Alex - De zwarte klauw

Pompei, gelegen aan de kust, is de plek waar de rijken en invloedrijke mensen uit Rome veel van hun tijd doorbrengen. Het klimaat is er mild en de rijken wonen in schitterende villa's. Het leven voltrekt zich er zeer aangenaam. Maar op een nacht gebeurt er iets wat veel opschudding teweeg zal gaan brengen. Een gemaskerde man sluipt 's nachts het huis binnen van senator Flavius. Maar de insluiper maakt lawaai waar de senator wakker van wordt. Direct roept hij om hulp en de bedienden komen aansnellen. Maar plotseling verstijft de senator en hij valt bewusteloos neer. De indringer verdwijnt in de nacht. De senator leeft nog wel maar is verlamd en bewusteloos. Enkele dagen later zijn de inwoners van Pompei het drama in het huis van Flavius vergeten. Er wordt een groot feest gegeven door de rijke Petronius en een van zijn gasten is zijn neef Alex Graccus. Alex heeft in Rome de achternaam van zijn pleegvader. Petronius stelt Alex voor aan een van zijn vrienden, Sulla. Maar tijdens het feest wordt Sulla op dezelfde manier aangevallen als Flavius. Alex ziet nog een schim van de aanvaller en gaat deze achterna, maar de man ontkomt. Alex neemt het op tegen Rafa en zijn mannen, tekening van Jacques Martin Beide slachtoffers hebben drie schrammen op hun armen en Alex gaat onderzoeken wat het wapen kan zijn. Hij komt er achter dat het een Afrikaans wapen is. Wanneer Alex en Enak weer bij de villa van Petronius komen hangt er een boodschap. Als ze meer willen weten over de aanvallen moeten ze naar het kerkhof gaan. Alex vertelt een bediende van Petronius wat er aan de hand is en gaat met Enak op weg. Maar het blijkt een valstrik te zijn. Wanneer een derde Romein ten prooi valt begint er toch enig licht in de zaak te komen. Het heeft te maken met Icara. Ondertussen is Alex verder gegaan met zijn zoektocht en belandt hij in het huis van het derde slachtoffer, Marcus. Hier treft hij voor het eerst de magiër Rafa. Bijna laat deze geheimzinnige man Alex verongelukken maar dankzij Enak en een onbekende helper loopt het nog net goed af. Die avond praat Alex met Petronius over de betekenis van Icara. Dit was de naam van een kleine kolonie van Carthago. Petronius, Flavius, Marcus, Sulla en ene Gallas waren als officier van het Romeinse leger in Icara. De aanvallen moeten hiermee te maken hebben. Terwijl de twee hierover praten, meldt zich de geheimzinnige helper van die dag. Het blijkt Servio te zijn, een slaaf van Marcus. Hij behoort tot een Afrikaanse stam die de stam van Rafa als vijand heeft. En dus besloot hij Alex te helpen. Omdat het duidelijk is dat procurator Gallas ook een doelwit is bezoekt Alex hem. Van Gallas leert Alex dat de stad Icara door de Romeinen ten onrechte verwoest werd en de inwoners gedood. Terwijl Alex en Enak op bezoek zijn vindt de aanval op Gallas plaats. Maar ze overmeesteren de aanvaller en Alex legt het wapen op het bed van de slapende Claudius, de zoon van Gallas. Wanneer ze de gevangene wegbrengen klinkt er een gil. Claudius heeft per ongeluk het wapen van de aanvaller geraakt en is nu ook verlamd. Wanneer Rafa er ook in slaagt Gallas en Petronius te doden lijkt zijn wraak compleet. Maar er is ook een onschuldig slachtoffer gevallen. En Alex voelt zich bezwaard. Hij gaat, samen met Enak en Servio, in de wouden van Afrika op zoek naar het tegengif. Maar dat is iets wat Rafa niet wil laten gebeuren. Het is het begin van een gevaarlijke tocht door een onbekende wereld.

In het vijfde album uit de reeks trekt Alex naar de binnenlanden van Afrika. Jacques Martin heeft voor het verhaal 'De zwarte klauw' (La griffe noire) het thema wraak interessant uitgewerkt. Er is de wraak op de Romeinse officieren voor de vernietiging van Icara. Hier en daar weerklinken in het script de echo dat deze wraakneming toch te rechtvaardigen is. De mannen waren immers verantwoordelijk voor de dood van vele onschuldige mensen. Maar de wraak die Rafa doorvoert maakt ook onschuldige slachtoffers. En dit is dan ook de reden die het hoofdpersonage Alex heeft om achter Rafa aan te gaan. Zijn doel is het herstel van aangedaan onrecht. Het is dezelfde motivatie als die van Rafa maar op een totaal andere manier vormgegeven. Mooi uitgewerkt thema van Martin. Ook leuk is natuurlijk dat de klassieke stad Pompei opduikt in het verhaal.

6 De verloren legioenen

Alex - De verloren legioenen

Na afloop van het vorige avontuur dat zich grotendeels in Afrika heeft afgespeeld is Alex, samen met Enak, teruggekeerd naar Rome. Het is een zeer warme dag geweest en die nacht komen de onvermijdelijke onweer en regen over de hoofdstad van het Romeinse rijk. Reusachtige bliksemstralen verlichten de stad en hevige regen slaat neer. Zo zeer zelfs dat Alex wakker wordt van het noodweer. Omdat het nog steeds benauwd is en hij niet weer direct de slaap kan vatten besluit Alex naar het terras te gaan. Maar wanneer hij naar de donkere stad kijkt wordt zijn blik getrokken naar een ongewoon schouwspel. Tijdens het weerlichten ziet Alex dat er een man met een zwaard in de hand over de glibberige daken snelt. Horatius beveelt de gevangneming van Alex, tekening van Jacques Martin De man wordt door een groep andere mannen achterna gezeten. Een bediende van Alex is inmiddels ook komen kijken. En samen horen zij hoe de man die achtervolgd wordt de naam Alex een aantal malen uitschreeuwt. Maar nog voordat Alex de man te hulp kan komen valt hij van het dak. De bediende van Alex denkt te weten wie deze man is. Hij meent dat het Agerix is, een van de slaven van Garofula. En de mannen die hem achtervolgende waren zeker mannen van Garofula. Hij heeft hen herkend aan hun kleding. Maar Garofula is een luitenant van Pompejus, een van de twee machtigste mannen van het Romeinse rijk. Na de dood van Crassus bestuurt hij samen met Julius Caesar hij het rijk. Natuurlijk wil Alex hier meer van weten. En de volgende dag brengt hij een bezoek aan Garofula. Volgens de luitenant van Pompejus was de man die Alex gisterenavond zag een dief. Garofula heeft de slaaf verkocht aan de organisator van de gladiatoren gevechten. Maar wanneer Alex bij deze man probeert om de slaaf te kopen wordt hem dit geweigerd. En dus moet de man in het circus vechten voor zijn leven. Alleen de tussenkomst van Alex tijdens het gevecht redt het leven van Agerix. Eenmaal in de woning van Alex vertelt Agerix hem dat hij op de hoogte is gekomen van een grote samenzwering. Pompejus wil alleenheerser worden. En dus moet Caesar uit de weg worden geruimd. En hiertoe is een duivels plan ontwikkeld. Het zwaard dat Agerix die nacht bij zich had was het zwaard van Brennus. De Galliërs noemen hem Bren. Deze Gallische veldheer was 50 jaar eerder Italië binnengevallen en had Rome gedwongen tot het betalen van een grote afkoopsom. Zijn zwaard heeft een enorm prestige. Maar nadat Caesar Vercingetorix had verslagen werd het beroemde zwaard in het Romeinse capitool bewaard. Het plan is om door dit zwaard ervoor te zorgen dat de Gallische stammen in opstand komen en de legers van Caesar omsingelen. Gallië zou hierdoor verwoest worden. Daarom vertrekt Alex in het gezelschap van Agerix en Enak naar Gallië. Om Caesar te waarschuwen voor de samenzwering en te proberen het zwaard van Brennus te bemachtigen. Maar de samenzweerders onder leiding van Garofula zitten ook niet stil. Het beloofd een spannende tocht te worden. Maar ook een die zeer gevaarlijk is. Maar wat niemand kan bevroeden is dat Alex hulp zal krijgen uit een wel zeer ongewone hoek.

Het album 'De verloren legioenen' (Les légions perdues) uit 1969 is een leuk en goed gemaakt deel uit de reeks. Alex krijgt te maken met de politieke intriges zoals die uitgevochten werden in het Rome van die tijd. Pompejus wil de macht over het rijk naar zich toetrekken. Iets wat Julius Caesar natuurlijk niet zal toestaan. Ook historisch heeft deze worsteling om de macht zich voorgedaan, zij het niet in de vorm van dit verhaal. Het resulteerde uiteindelijk in een burgeroorlog waaruit Caesar als overwinnaar te voorschijn zou komen. Wat niet historisch correct is, is de periode die genoemd wordt waarbij Brennus Rome aanviel. Dit speelde rond 390 v.Chr. De periode waarin de verhalen over Alex zijn geplaatst betreft de periode van Julius Caesar. En hij leefde van ongeveer 100 tot 44 v.Chr. Maar dit is een kleinigheid. Het doet niets af aan de spanning van het verhaal. Een verhaal ook van een bijzondere vriendschap en wel die tussen Alex en de wolf. Ook het tekenwerk van Jacques Martin begon steeds vaster te worden. De serie begint tot wasdom te komen met dit prima deel.

7 De laatste Spartaan

Alex - De laatste Spartaan

De zon breekt door de wolken. Het is een nacht geweest van storm en regen. Maar nu brengt de zon wat meer vrolijkheid aan de Illyrische kust (die liep van het huidige Slovenië en Kroatië tot het huidige Albanië). De kust is bezaaid met rotsen en op een van die rotsen ligt een persoon. Door de opkomende zon ontwaakt hij. Het is Alex. Met enige moeite probeert hij zich te herinneren wat er afgelopen nacht is gebeurd en hoe hij op de rotsen terecht is gekomen. Maar al snel komen de herinneringen aan de zware storm weer terug. Aan de aanvang van de reis vanuit Brundisium en de storm die het schip overviel. Terwijl hij nadenkt, loopt Alex over de rotsen verder en ziet het uitgebrande wrak van een schip. Het is het schip waarmee hij en Enak naar generaal Horatius wilde reizen in Griekenland. Midden in de storm waren er lichten op de kust te zien. Iedereen dacht aan een haven, maar daarna zijn er alleen nog beelden van het ziedende water in het geheugen van Alex. Hij staat naast het wrak maar van de anderen is geen spoor. Geen overlevenden, geen lichamen. Maar wel sporen in het zand die landinwaarts gaan. Koningin Andrea met Horodes en Alcidas uit de strip Alex, tekening van Jacques Martin En dus volgt Alex het spoor. Na enig loopwerk komt hij uit bij een klein dorp. En dankzij de bereidwilligheid van een van de bewoners leert Alex dat het schip ten prooi is gevallen aan piraten. De lichten waren bedoeld om het schip op de rotsen te laten lopen. De mensen die de ramp overleefden werden meegenomen als slaven. Alex beseft dat Enak een van de mensen kan zijn die in handen van de piraten gevallen is. Hij moet zijn vrienden redden. Al snel heeft hij het spoor te pakken, maar de eerste reddingspoging mislukt. Terwijl hij de piraten volgt heeft Alex wanneer hij rust een vreemde droom. Een Griekse godin tracht hem onder haar voeten te verpletteren. Ondanks de mislukte poging blijft Alex de groep volgen. Tot zin verbazing komen ze uit bij een regelrechte vesting. Hij besteedt de eerste tijd aan observeren maar vindt uiteindelijk een ingang in de vesting. Het lukt hem om Enak en twee anderen te bevrijden. Maar hun vlucht blijft niet lang onopgemerkt. Alex en Enak worden gevangen genomen. Eenmaal in de vesting wekt Alex de vijandschap op van de militaire leider van de Grieken die zich trachten te verenigen om de Romeinen te verdrijven. Generaal Alcidas staat op het punt om Alex te doorsteken met zijn zwaard wanneer Koningin Andrea tussenbeide komt. Niemand begrijpt waarom zij tussenbeide komt om Alex te redden. Maar zij redt de jonge Romein die zichzelf zelfs vrij mag bewegen binnen de vesting. Koningin Andrea vraagt hem verder als leraar op te treden voor haar zoontje Heraklion. Enigszins weerbarstig gaat Alex akkoord. Maar natuurlijk blijft hij nadenken hoe hij Alex en de andere gevangenen kan bevrijden. Makkelijk is dit niet, want hij is alleen en Alcidas ligt op de loer.

Het album 'De laatste Spartaan' (Le dernier Spartiate) uit 1969 verplaatst de avonturen van Alex naar de regio van de Balkan en het Griekenland. In een uithoek van de invloedsfeer van het land van Plato wordt een strijd tegen de Romeinen voorbereidt. Min of meer per toeval komt Alex in het conflict terecht en Martin brengt de hoofdrolspeler van de serie binnen de muren van de Griekse strijders. En hiermee brengt hij de lezer ook min of meer binnen de klassieke Griekse wereld. In het verhaal zijn meerdere verhaallijnen door Martin verwerkt. Natuurlijk de bevrijding van Enak en de andere slaven door Alex, maar ook de interne onenigheid tussen koningin Andrea en haar generaal bepalen de loop van het verhaal. Wat dat betreft is de strijd tegen de Romeinen, die de bewoners van de vesting willen voeren, veel minder aanwezig. Alleen voor het einde van het verhaal komt dit meer nadrukkelijk naar voren. Niet het beste verhaal tot dan toe maar wel onderhoudend.

8 Het Etruskische graf

Alex - Het Etruskische graf

Over de Via Aurelia trekt een konvooi in de richting van Rome. Het is het konvooi van Lucius Valerius Sinner. Het is een warme dag en de zon brandt fel. Lucius Valerius Sinner instrueert zijn mensen dan ook om te rusten op een wat koelere plek. Deze is al snel gevonden. Langs de rivier neemt het gezelschap plaats. Op de andere oever bevindt zich ook een gezelschap. Het zijn drie jonge mannen en de Romeinse heer laat een versnapering naar de overkant brengen en stelt zich voor. Het drietal zijn geen onbekenden. Het zijn Alex Graccus, Enak en Octavius. Deze laatste is de neef van Caesar en het lot lijkt hem voor grote dingen te hebben voorbestemd. Alex neemt deel aan de wagenrennen, tekening van Jacques Martin Want uit het niets verschijnt een adelaar die het broodje uit de handen van Octavius pakt, maar het ook weer terug brengt. Hierna verdwijnt de vogel net zo snel als hij gekomen is en hierin wordt een teken van de goden gezien. Het drietal is onderweg naar Tarquini waar zich de zus van Octavius bevindt. Het is de wens van Caesar dat Lidia naar Rome wordt gebracht. Nadat ze afscheid hebben genomen vervolgen zij hun weg. Tijdens de reis worden zij geconfronteerd met de wandaden van de aanhangers der Molochisten. Zij ontvoeren kinderen die als levend offer moeten dienen voor hun god Moloch-Baäl. Een wrede godsdienst die uit het oosten afkomstig is. Wanneer Alex en zijn vrienden aankomen bij het huis waar Lidia zich bevindt blijkt ook daar de zoon des huizes te zijn verdwenen. Een kennis van de familie, Brutus, biedt aan om de jongen te gaan zoeken en zo de affectie van Lidia te verdienen. Het lukt deze Brutus om de jongen terug te brengen, maar volgens deze Claudius hoort Brutus bij de Molochisten. Iets wat men niet gelooft want men denkt dat het kind overstuur is. Omdat de acties van de Molochisten duidelijk een gevaar opleveren gaat Alex in het gezelschap van Octavius en Enak de volgende dag naar de prefect van de streek. Zij vragen om een militair escorte, maar dit wordt hen geweigerd. Nadat zij weg zijn heeft de prefect een gesprek met Brutus en het lijkt er op dat beide mannen zich willen ontdoen van Alex en zijn vrienden. Wanneer zij in het gezelschap van Lidia dan ook de terugreis aanvaarden blijkt dat zij zich in gevaar bevinden. De Molochisten hebben een hinderlaag gelegd en Lidia valt in hun handen. Had de jonge Claudius dan toch gelijk en is Brutus lid van deze groep? Maar waarom? Het antwoord ligt in het Etruskische verleden van de streek. Een antwoord dat Alex zal gaan vinden wanneer hij er op uit trekt om Lidia te redden en zich gaat begeven in de vergeten tombes van de Etrusken.

Net als het vorige album is het verhaal 'Het Etruskische graf' (Le tombeau étrusque) uit het jaar 1969. Maar daar waar het vorige album toch enigszins vlak was, is dit album dat geenszins. Het is een uitstekend verhaal dat goed in elkaar zit. Het is spannend, met een goede opbouw en de acties en verhandelingen volgen elkaar snel op. Jacques Martin brengt de Estrusken in het verhaal. En natuurlijk kloppen de gegevens die hij in het verhaal verwerkt heeft. De Etrusken waren voor de Romeinen de heersers in het Italiaanse land. Ook opmerkelijk is de introductie van Octavius, die echt geleefd heeft. Hij was de achterneef van Gaius Julius Caesar en is in de geschiedenisboeken natuurlijk beter bekend als Augustus, de eerste keizer van Rome. Alles bij elkaar vormt dit album een uitstekend geheel dat nog steeds met veel plezier gelezen kan worden.

9 Het afgodsbeeld

Alex - Het afgodsbeeld

Een stille baai aan de Noord-Afrikaanse kust. Al eeuwen lang heeft de wind, samen met het zand en de zee, hier vrij spel. De regio werd Barce genoemd (in het huidige Libië). Op een dag verscheen er een schip in de baai. Een aantal mannen ging aan land en inspecteerden het gebied. Een tijd nadat het schip was vertrokken verschenen er nieuwe schepen in de baai. Ook nu gingen er mensen aan land maar ditmaal met de bedoeling om te blijven. De soldaten bouwen een vesting en het garnizoen werd uitgebreid. In hun kielzog kwamen ook andere mannen. Dit waren geen soldaten, maar beeldhouwers, schilders en andere handwerkslieden. Alex stopt de mishandeling van een vrouw, tekening van Jacques Martin In de nieuwe Romeinse nederzetting Apollonia heerste een koortsachtige drukte. Onder toeziend oog van de beroemde bouwmeester Aurelius Frollio verrees de nieuwe stad met rasse schreden. Het moet een schitterende stad worden voor de veteranen van het derde legioen en hun gezinnen. Op een ochtend liep het schip de Aquilon de nieuwe haven binnen. Passagiers gingen van boord. Onder hen zijn drie bekenden. Alex, Enak en Heraklion zetten voet aan wal. De reden dat het drietal naar Apollonia was vertrokken was dat Alex een brief van generaal Horatius had ontvangen (zie voorgaande albums). Hierin vroeg hij Alex om naar de nieuwe stad te komen. De verbazing van Alex is dan ook groot wanneer blijkt dat Horatius helemaal niet in Apollonia aanwezig is. Het drietal begrijpt er niets van. Verbaasd volgen ze een soldaat die hen door de straten van de nieuwe stad leidt, op weg naar het paleis van de gouverneur. Nadat ze zijn aangekondigd wil de gouverneur, Tiburtius Caro, hen ontvangen. De naam Alex Gracchus is immers bekend als een vriend van Julius Caesar. Nadat Alex de brief aan Caro heeft gegeven roept deze direct uit dat de brief vals is. Het zegel is namelijk helemaal niet die van generaal Horatius. Omdat het schip waar ze mee zijn gekomen alweer vertrokken is, moeten ze wel in Apollonia blijven. De bouwmeester Aurelius Frollia zal hen rondleiden door de stad in wording. Tijdens de rondleiding hebben Griekse werklieden speciale aandacht voor Heraklion. Zij lijken te weten wie hij is. Die nacht ziet Alex een groep mensen iets begraven in de woestijn net buiten de stad. Onmiddellijk gaat hij kijken wat er is, maar in het donker vindt hij geen sporen. Dus begeeft hij zich naar het garnizoen waar hij een aanvaring heeft met de commandant Varius Munda. Wanneer Alex de volgende dag terugkeert in Apollonia blijkt er een wonderbaarlijk beeld gevonden te zijn in het zand. Precies op de plek waar Alex die nacht de mannen bezig zag. En het beeld, waarvan iedereen veronderstelt dat het Apollo is, lijkt wonderbaarlijke krachten te hebben. Dan treft Alex Enak. In de afwezigheid van Alex is Heraklion verdwenen. Alex vindt wel een spoor waar de jongen zich misschien kan bevinden. Maar om bij hem te komen heeft hij de hulp nodig van het stamhoofd der Cyrenaïce, Massina. Een vijand van de Romeinen. Geen makkelijke opgave voor Alex, maar hij moet en zal slagen.

In 1970 zette Jacques Martin de serie Alex voort met het verhaal 'Het afgodsbeeld' (Le dieu sauvage). Hoewel je het niet direct door hebt, is dit verhaal een voortzetting van een eerder avontuur. Alex komt gevangen te zitten tussen zijn belofte om voor de Griekse jongen te zorgen en de politiek van zijn eigen landgenoten in de regio. Opmerkelijk dat Alex de kant kiest van de oorspronkelijke bewoners. Hoewel dit natuurlijk wel in het personage van Alex past, hij streeft immers altijd naar gerechtigheid. Ook nu steunt Martin op historische gebeurtenissen om het avontuur van Alex te vertellen. In het noorden van Afrika heeft echt een nederzetting bestaan die Apollonia heette. Het diende als haven voor de stad Cyrenaica, de streek droeg in die tijd dezelfde naam. In het album is een beeld van een onbekend materiaal de oorsprong van de plotselinge neergang van de stad. Maar naar alle waarschijnlijkheid is een tsunami, veroorzaakt door een aardbeving op Kreta op 21 juli 365, de echte reden voor de rampspoed van de stad. Maar het verhaal dat Martin vertelt is ook spectaculair en heeft een aantal mystieke kanten. Een plezier om te lezen.

10 Iorix de Grote

Alex - Iorix de Grote

Alex en Enak zijn in Thracië (in het noordoosten van Griekenland, het zuiden van Bulgarije en Europees Turkije) op uitnodiging van Drufus Septer, de nieuwe proconsul. Na hun aankomst worden de twee vrienden allerhartelijkst ontvangen. Samen met Drufus Septer maakt Alex een wandeling door de uitgestrekte tuin die bij het paleis hoort. En het is tijdens de wandeling dat Drufus Septer de aandacht vestigt op een kamp. Het kamp is gelegen op een eiland net voor de kust. Er blijken legionairs in het kampement gelegerd te zijn. Maar het zijn allemaal mannen die uit Gallië komen, Gallische huursoldaten voor Rome. Iorus en Alex ontdoen zich van Romeinse achtervolgers, tekening van Jacques Martin Ze waren in groepjes, met vrouwen en kinderen, naar Syrië gekomen. Deze uitstekende soldaten maakten deel uit van het leger van Crassus, toen opperbevelhebber van het Romeinse leger in het oosten. Crassus bracht de mannen onder bij het VIIde legieon. Maar toen kwam de slag bij Carrahae. De Romeinen leden een zware nederlaag tegen de Parthen en Crassus vond uiteindelijk de dood. Het is een geschiedenis die Alex maar al te goed kent (zie onder meer het album 'Alex de onversaagde'). Uiteindelijk leverde onderhandelingen met de Parthen het einde van de gevechten op en een grens werd ingesteld. Maar een van de eisen van de Parthen was dat de Gallische huursoldaten Syrië zouden verlaten. Als compensatie kregen de Galliërs grote hoeveelheden goud. De groep soldaten is tot Thacië geraakt en moeten nu verder. En in Rome is al bedacht wie ervoor kan zorgen dat deze huursoldaten in hun thuisland geraken. Een man die de Galliërs als geen ander begrijpt maar die ook trouw is aan Rome. Natuurlijk heeft men Alex op het oog. De Galliërs worden aangevoerd door twee mannen, de tribunen (oversten) Hortalus en Iorus. Na enig aandringen neemt Alex de opdracht toch aan. Problemen om te overwinnen zijn er genoeg. Allereerst moeten de huursoldaten in bedwang worden gehouden en het blijkt al snel dat Iorus geen gemakkelijk heerschap is. Hij handelt impulsief en heeft bovendien een oogje op een van de jonge vrouwen, Ariela. Maar deze gevoelens zijn nu niet bepaald wederzijds. Gelukkig is Hortalus veel bedachtzamer. Maar al snel wordt duidelijk dat er ook Romeinen zijn die het voorzien hebben op het goud dat de Galliërs met zich meevoeren. Wanneer een deel van de mensen die aan de tocht deelnemen door de overmoed van Iorus om het leven komen, is het zaad van de tweespalt gezaaid. Ondertussen wordt de groep ook nog bedreigd door groepen barbaren. Wanneer Hortalus tijdens de tocht gedood wordt nemen de spanningen tussen Alex en Iorus steeds verder toe, zeker wanneer Ariela het gezelschap van Alex zoekt. Maar het zullen niet de bedreigingen van buitenaf zijn die het gevaarlijkst zullen blijken. Het grootste gevaar bevindt zich in de groep huursoldaten zelf. Alex heeft een uiterst moeilijke opdracht aanvaard.

In het verhaal 'Iorix de Grote' (Iorix le Grand) vormt de grootheidswaanzin van de tribuun Iorus de drijfveer. Door jaloezie en een verlangen om persoon van importantie te worden veranderd de Gallische huursoldaat van een gedreven man in een persoon die meent bestemd te zijn voor een groter lot. En zoals vaak loopt het dan niet goed af. De opbouw van deze persoonsverandering is door Jacques Martin op zeer goede manier weergegeven. De verandering gaat soms langzaam, bijna onmerkbaar, maar onomkeerbaar. En in zijn verandering sleept hij anderen mee.
Maar Jacques Martin stipte in dit verhaal ook een ander punt aan, meer historisch. Namelijk dat de Romeinse legioenen zeker niet alleen bestonden uit Romeinen, althans niet Romeinen geboren in Italië zelf. Zo net na het begin van onze jaartelling werden meer en meer soldaten geworven in de gebieden die door de Romeinse expansie deel waren gaan uitmaken van het keizerrijk. Steeds meer inwoners van deze gebieden, die wel het Romeinse burgerrecht hadden, kwamen bij de Romeinen onder de wapenen. Vooral de gebieden Hispania (Spanje) en Gallia Narbonensis (de Romeinse provincie in het zuiden van Gallië) leverden veel manschappen. Deze laatste provincie werd ook wel aangeduid als Provincia Romana of Provincia. Een benaming die vandaag de dag nog terug te vinden is in de huidige naam van de streek namelijk Provence. En omdat de mannen onder Iorus die door Alex worden begeleidt uit het zuidoosten komen en uiteindelijk hun regio bereiken, heeft Jacques Martin vermoedelijk deze regio op het oog gehad toen hij verhaal over Iorix de grote schreef. Zoals altijd verwerkte hij bekende historische gegevens op zeer kundige wijze in zijn verhalen. Zo ook nu. De serie Alex is niet alleen spannend en vermakelijk maar ook nog leerzaam en is door de jaren heen altijd een uitstekende reeks gebleken.